Windmeting voor een thuiswindmolen: zo weet je of het bij jou rendeert

Foto van Jasper & Michael

Jasper & Michael

Thuiswindmolentje.nl

windmeting-windmolen-thuis

Inhoudsopgave

Voordat je geld uitgeeft aan een windmolen voor thuis, wil je één ding zeker weten: waait het bij jou genoeg. Niet in jouw provincie gemiddeld, maar op jouw erf, op jouw dakrand, naast jouw schuur. Het verschil tussen “redelijk wat wind” en “net niet” bepaalt vaak of je straks tevreden bent of toch net wat vaker denkt: had ik dit eerder moeten checken.

Windmeting is bedoeld om vooraf duidelijkheid te krijgen. Zeker als je vooral bezig bent met wat het oplevert en hoe lang de terugverdientijd is. Die rekensom staat en valt met betrouwbare input van jouw locatie. Op de pagina over terugverdientijd duiken we dieper in de euro’s, maar eerst moet je weten met welke wind je eigenlijk rekent.

 

Waarom windkaarten handig zijn, maar je niet gaan redden

Windkaarten zijn prima om te zien of je regio kansrijk is. Alleen, ze vertellen niet hoe de wind zich gedraagt tussen jouw gebouwen, bomen en dakranden. Exact  daar worden kleine turbines gemaakt of gebroken.

Twee huizen verder kan het al anders zijn. Een dichte haag, een muurtje of een schuur op de “verkeerde” plek kan de wind onrustig maken. Denk je na over de beste plek? Dan is plaatsing windmolen thuis de logische partner van dit artikel. Plaatsing vertelt waar het kán, windmeting vertelt of het daar ook loont.

 

Wat je wilt meten voordat je een windmolen voor thuis kiest

Voor een goede inschatting heb je aan drie dingen vaak genoeg:

  1. De gemiddelde windsnelheid op de hoogte waar je turbine straks komt.

  2. Hoe vaak je “bruikbare” wind hebt, dus niet alleen pieken bij storm, maar ook de normale dagen.

  3. Hoe onrustig de wind is, vooral door obstakels. Die onrust heet vaak turbulentie. Turbulente wind kan opbrengst drukken en kan het geluidsbeeld grilliger maken.

Deze drie punten helpen je ook om betere keuzes te maken tussen typen turbines, bijvoorbeeld tussen verticale windmolens en horizontale windmolens.

 

Serieuze partijen doen altijd een windmeting

Als je met een serieuze leverancier of installateur praat, zullen ze altijd willen werken met onderbouwde winddata voor jouw locatie. In de praktijk betekent dat: er is een vorm van windmeting of meetonderbouwing nodig voordat iemand iets zinnigs kan zeggen over opbrengst.

Soms is dat een echte meting op locatie met een meetset op (bijna) turbinehoogte. Soms is het een meting gecombineerd met lokale referentiedata en een locatiebeoordeling, bijvoorbeeld omdat er al betrouwbare meetpunten in de buurt zijn of omdat de plaatsing technisch beperkt is. Het is in ieder geval erg bealngrijk dat jouw plek serieus beoordeeld wordt.

Als je die stap overslaat, reken je eigenlijk met aannames. Met het doen van veel aannames, is het lastig een goede terugverdientijd te berekenen.

 

Drie manieren om wind te meten

Snelle oriëntatie met data en een locatiecheck

Dit is de snelle check om te bepalen of meten de moeite waard is. Je gebruikt windkaarten of weerstatistiek voor je regio en je kijkt kritisch naar je eigen terrein. Waar komt de wind meestal vandaan en wat staat er in die richting?

Deze stap is geen eindantwoord, maar wel een prima eerste stap. Als je midden in beschutting zit, kan een windmolen voor thuis al snel een lastige puzzel worden. Dan is het vaak slimmer om eerst met plaatsing te spelen en daarna pas te meten.

 

Zelf meten met een anemometer met datalogging

Dit is meestal de beste balans tussen kosten en betrouwbaarheid. Je hangt een windsnelheidsmeter op die data opslaat, zodat je zelf goed inzicht krijgt.

De meetplek is belangrijker dan de meter zelf. Meet zo dicht mogelijk bij de hoogte waarop de turbine komt. Meet je op 2 meter in de tuin en komt de turbine straks op 10 meter, dan is je meting niet erg accuraat.

Denk je aan plaatsing op een gebouw, zoals windmolen op het dak of windmolen aan je gevel, dan is hoogte en turbulentie nóg belangrijker. Daar kan de wind hard zijn, maar ook chaotisch.

 

Meten of laten onderbouwen via een installateur

De meeste serieuze installateurs plaatsen meetsets, of ze beoordelen meetresultaten en combineren dat met lokale gegevens. Dat kan handig zijn, vooral als je toch richting vergunning, planning en aansluiting gaat. Zorg dat je snapt wat er wordt gemeten en op welke hoogte. Vraag daarnaast door als je alleen een gemiddeld getal krijgt zonder context en concrete meetcijfers.

Krijg als eerste een seintje wanneer de eerste rendabele windmolen op de markt komt!

Zo voorkom je meetfouten die je later geld kosten

Wind meten is simpel, maar het gaat vaak mis door drie dingen: te kort meten, te laag meten of meten op een plek die niets lijkt op de uiteindelijke opstelling. Met onderstaande aanpak hou je je meting bruikbaar voor een realistische opbrengstberekening.

  • Meet lang genoeg. Meet minimaal vier weken. Langer is beter, omdat je dan ook rustige periodes meepakt.
  • Meet op een plek die lijkt op je echte plan. Meet op (bijna) turbinehoogte en op de locatie waar je ’m echt wilt plaatsen. Anders meet je vooral luwte.
  • Kijk niet alleen naar het gemiddelde. Een gemiddeld getal kan misleiden. Kijk ook hoe vaak je boven een bruikbaar niveau zit, zodat je later niet rekent met een paar stormdagen.

 

Welke turbine past bij gemeten wind

Als je meting laat zien dat je veel turbulentie hebt, dan ga je vaak anders kijken naar type en plaatsing. In onrustige wind kan een andere keuze beter aansluiten dan een “klassieke” opstelling. Daar zijn geen universele regels voor, maar je kunt wel slimmer vergelijken.

Een compact systeem zoals een windwokkel kan interessant lijken bij beperkte ruimte, maar ook daar blijft locatie leidend. Meetdata voorkomt dat je kiest op basis van formaat of marketingplaatjes.

Wil je een overzicht van opties, dan helpt beste windmolen voor thuis om keuzes te ordenen voordat je te diep de techniek in gaat.

Delen:

Blijf altijd op de hoogte!

Lees ook: